Oh So Quiet

In de wereld van televisie is het overgrote deel nep. Studio’s zien er 5 keer groter uit dan in het echt, decors van soaps zijn vaak niet meer dan beschilderd karton. Laten we daarom even duidelijk zijn. De eilanden waar Expeditie Robinson zich afspeelt, zijn écht onbewoonde eilanden. Eilanden zonder water en elektriciteit. Gewoon een berg in het water, bestaande uit rotsen, zand, planten en beesten.

En toegegeven, zo’n 4 maanden per jaar wordt de natuur en het leven op die eilanden verstoord. Buitenlanders (wij dus) met camera’s, kranen en geluidsapparatuur palmen het eiland in. Generators worden aangesleept, shelters worden gebouwd, zodat de filmcrew af en toe een pauze kan nemen of onderdak heeft als het regent. Liters water worden aangesleept. Houten constructies die dienen voor de Robinsonproeven, worden minutieus opgebouwd en uitgetest. (Je dacht toch niet dat er op de eilandraad een écht gecrasht vliegtuig lag).

Het hele eiland (waar de natuur al honderden jaren ongestoord z’n gang gaat) staat plots op stelten. En dan denk ik soms: hoe durven wij hier in godsnaam zomaar binnenvallen? Maar vandaag moet ik glimlachen, want ik weet beter: de natuur trekt zich weinig of niets aan van ons, vreemdelingen.

Dat merk ik vandaag tijdens een proef. De kandidaten moeten, armen en benen om een paal geklemd, zo lang mogelijk blijven hangen. Omdat deze opdracht zowel fysiek als mentaal zeer zwaar is, zijn de kandidaten in opperste concentratie. De 30 crewleden die zonet nog luid stonden te praten, rond te lopen en grapjes te maken, zijn nu muisstil. De camera’s draaien. De kandidaten geraken in een soort trance, vastbesloten om zo lang mogelijk te blijven hangen. Diegene die deze proef wint, heeft immers immuniteit en kan voorlopig niet worden weggestemd. Opgeven staat nu eenmaal niet in het woordenboek van een échte Robinson.

Het is mijn beurt om deze proef te presenteren en ik sla het hele tafereel gade. De minuten passeren en plots merk ik, dat na een tiental minuten van doodse stilte, er opnieuw geluid komt vanuit de bergen, steeds dichter bij. Vogels beginnen weer met hun conversatie, luid fluitend heen en weer over het eiland. Vlinders fladderen weer voorbij, een varaan komt schichtig uit de bosjes en loopt rustig over de set. De natuur die zonet werd overstemd door overenthousiaste westerlingen met vreemde apparatuur , komt terug tot leven en eist z’n plek weer op.

Ik sta nog steeds gericht naar de kandidaten, want de camera’s draaien ook voor mij. De hele proef duurt bijna een uur. Een uur van stilte. Mijn gedachten dwalen af naar de indrukwekkende natuur rondom mij. De jungle, de dichtbeboste bergen, de ruwe rotsen, palmbomen en in de verte het geruis van de zee. Ik staar voor me uit. Mijn wereld staat eventjes stil, en hij is wonderlijk mooi…

Behalve voor die ene kandidaat die plots zachtjes van de paal glijdt, en de wedstrijd net niet wint.
Maar dat zal de natuur worst wezen.